Martijn B. Katan

Em. hoogleraar Voedingsleer
Vrije Universiteit Amsterdam

Honderd jaar geleden ontdekten artsen van de Keizerlijke Militaire Academie in Sint Petersburg dat ze bij konijnen vernauwingen van de slagaders konden veroorzaken door ze eieren, melk en vlees te voederen.[1] Dat bleek veroorzaakt te worden door een rubberachtige stof genaamd cholesterol die uitsluitend in dierlijk voedsel voorkomt. Vooral eidooiers zijn er rijk aan. Het cholesterol uit het konijnenvoer hoopte zich eerst op in het bloed en later in de wanden van de bloedvaten; het veroorzaakte dus ‘aderverkalking’. Ook bij mensen bleek dat eieren, melkvet en vet vlees het cholesterolgehalte van het bloed verhoogden en dat zo een hoog cholesterolgehalte leidde tot vernauwing en verstopping van slagaders en tot hartinfarcten. Daar kwam het advies uit voort om hoogstens drie eieren per week te eten. Dat advies wordt nu afgeschaft. Waarom zijn eieren niet meer ongezond?

Dat bij hartpatiënten het cholesteroldieet geen prioriteit meer heeft is begrijpelijk. Vroeger was beperking van eieren en dierlijk vet de enige manier om bij hen het bloedcholesterol omlaag te krijgen en een nieuw infarct te voorkomen, maar moderne geneesmiddelen doen dat veel beter. Die middelen kosten vrijwel niets en miljoenen Nederlanders slikken ze, niet alleen hartpatiënten maar iedereen met een verhoogde kans op een infarct.[2] Het cholesteroldieet kan daar niet tegen op.

De nieuwste Amerikaanse richtlijnen adviseren echter ook geen eierbeperking meer voor de algemene bevolking.[3] Waarom deze omslag? Deels is dat omdat men de mensen niet met teveel verboden wil opzadelen, men concentreert de adviezen liever op voedingsprobleem nummer 1, vetzucht. Bovendien eten Amerikanen niet veel eieren, en wie toch een hoog cholesterol heeft slikt al pillen.[4]

Daarnaast komt het afschaffen van het advies over eieren voort uit een omslag in het onderzoek, en daar heb ik bedenkingen bij. Vroeger overheersten in het voedingsonderzoek experimenten; bij dieren, maar vooral bij mensen. Tegenwoordig ligt de nadruk op het waarnemen van wat mensen uit zichzelf eten en wat voor ziektes ze krijgen. In dergelijk ‘observationeel’ onderzoek wordt meestal geen relatie gezien tussen eieren en hartinfarcten. Dat is merkwaardig, want eieren verhogen het cholesterolgehalte van het bloed, één ei heeft hetzelfde effect als zeventig gram ontbijtspek.[5] Vrijwel alles wat het cholesterolgehalte in het bloed verhoogt, vergroot de kans op een hartinfarct; zouden eieren dan een uitzondering zijn? Het lijkt mij aannemelijker dat het observationele onderzoek een te grove methode is om deze effecten op te pikken.[6] Immers het is lastig om precies vast te stellen hoeveel eieren iemand in zijn leven heeft gegeten. De verschillen tussen mensen in levenslange eiconsumptie zijn bovendien klein en daardoor verschilt binnen een bevolking het aantal hartinfarcten niet veel tussen degenen die iets meer en die iets minder eieren hebben gegeten. Maar dat betekent niet dat je veertien eieren per week kunt eten zonder gevolgen voor je slagaders. Het lijkt mij verstandiger het advies van drie eieren per week te handhaven; honderd jaar kennis moet je niet zomaar overboord gooien.

Het belang van voeding wordt wel ondergraven door de cholesterolverlagende geneesmiddelen. Die ontwikkeling gaat door; binnen een paar jaar komen er nieuwe cholesterolverlagers op de markt die de huidige in de schaduw stellen. Ze heten PCSK9-remmers want ze remmen de werking van het PCSK9-eiwit. Dat eiwit komt van nature voor in ons lichaam en het houdt daar het cholesterolgehalte van het bloed hoog. Een paar procent van de mensheid heeft een genetisch defect waardoor ze niet voldoende PCSK9-eiwit maken. Daar hebben ze geen last van, integendeel, ze hebben een laag cholesterol en nauwelijks hartinfarcten.[7] De nieuwe medicijnen proberen dat te imiteren. De eerste resultaten werden onlangs bekend: één jaar toediening halveerde het aantal infarcten in vergelijking met een nepmedicijn.[8] Bij langduriger gebruik zal dat effect groter worden; optimisten verwachten zelfs een verlaging met 90%. Het effect van cholesterolverlaging neemt namelijk toe met de tijd;[9] jarenlange intensieve behandeling met cholesterolverlagende middelen doet de bestaande vernauwingen slinken.[10]

Is het niet riskant om de cholesterolhuishouding zo te manipuleren? Dat loopt wel los. Bij mensen in welvarende landen is het cholesterolgehalte van het bloed vijf keer hoger dan nodig is voor hun cellen en organen.[11] De nieuwe geneesmiddelen brengen het cholesterol terug op het lage niveau waar ratten, paarden, koeien en andere beesten van nature zitten.[12] Die dieren krijgen geen hartinfarcten en de hoop is dat dankzij de nieuwe middelen ook bij de mens het hartinfarct verdwijnt. De nieuwe medicijnen hebben net als alle geneesmiddelen bijwerkingen[13] en voorlopig zullen ze te duur zijn voor algemeen gebruik, maar ik verwacht dat ze over twintig jaar massaal worden gebruikt, want niemand wil dood. Daardoor zal het aantal honderdjarigen drastisch toenemen, dus de directies van de pensioenfondsen kunnen hun borst alvast nat maken. Maar voor de eierproducenten ziet de toekomst er zonnig uit.


[1] Ignatowski, A., 1908. Changes in parenchymatous organs and in the aorta of rabbits under the influence of animal protein [in Russian]. Izvestia Imperatorskoi Voenno-Medicinskoi Akademii (St. Petersburg) 18, 231–244.

De specifieke rol van cholesterol werd opgehelderd in 1913:

Anitschkow, N., 1913. Über die Veränderungen der Kaninchenaorta bei experimenteller Cholesterinsteatose. Beitr. z. Pathol. Anat. u. z. Pathol. 56, 379–404.

[2] In 2013 was simvastatine met 1.14 miljoen gebruikers en een aandeel van 52% het meest verstrekte statine. Er waren in 2013 dus 1.14/0.52 = 2.19 miljoen statinegebruikers. De uitgaven aan simvastatine bedroegen €44 miljoen, dus €38.60 per persoon per jaar of €3.22 per maand. Stichting Farmaceutische Kengetallen, Data en feiten 2014 . www.sfk.nl/nieuws-publicaties/data-en-feiten/SFKDataenfeiten2014.pdf

[3] Scientific Report of the 2015 Dietary Guidelines Advisory Committee. www.health.gov/dietaryguidelines/2015-scientific-report

[4] Cholesterol-lowering drugs taken by 28% of US population, 2015. JAMA 313, 787–787. doi:10.1001/jama.2015.387

[5] 50 g kippenei en 69 gram ontbijtspek verhogen beide het LDL cholesterol met 0.11 mmol/L. Samenstelling ei en spek: NEVO online. Berekeningen: www.katancalculator.nl

[6] Schwab, U., Uusitupa, M., 2015. Diet heart controversies – Quality of fat matters. Nutrition, Metabolism and Cardiovascular Diseases 25, xxx–xxx. doi:10.1016/j.numecd.2015.03.009

Kromhout, D., Geleijnse, J.M., Menotti, A., Jacobs, D.R., 2011. The confusion about dietary fatty acids recommendations for CHD prevention. British Journal of Nutrition 106, 627–632. doi:10.1017/S0007114511002236

[7] Cohen, J.C., Boerwinkle, E., Mosley, T.H., Hobbs, H.H., 2006. Sequence Variations in PCSK9, Low LDL, and Protection against Coronary Heart Disease. New England Journal of Medicine 354, 1264–1272. doi:10.1056/NEJMoa054013

[8] Robinson, J.G.,  et al 2015. Efficacy and Safety of Alirocumab in Reducing Lipids and Cardiovascular Events. New England Journal of Medicine 372, 1489–1499. doi:10.1056/NEJMoa1501031

Sabatine, M.S.et al 2015. Efficacy and Safety of Evolocumab in Reducing Lipids and Cardiovascular Events. New England Journal of Medicine 372, 1500–1509. doi:10.1056/NEJMoa1500858

[9] Ference, B.A. et al 2012. Effect of Long-Term Exposure to Lower Low-Density Lipoprotein Cholesterol Beginning Early in Life on the Risk of Coronary Heart Disease: A Mendelian Randomization Analysis. Journal of the American College of Cardiology 60, 2631–2639. doi:10.1016/j.jacc.2012.09.017

[10] Gao, W.-Q. et al. 2014. Systematic study of the effects of lowering low-density lipoprotein-cholesterol on regression of coronary atherosclerotic plaques using intravascular ultrasound. BMC Cardiovascular Disorders 14, 60. doi:10.1186/1471-2261-14-60

[11] Goldstein, J.L., Brown, M.S., 2015. A Century of Cholesterol and Coronaries: From Plaques to Genes to Statins. Cell 161, 161–172. doi:10.1016/j.cell.2015.01.036

[12] Vitić, J., Stevanović, J., 1993. Comparative studies of the serum lipoproteins and lipids in some domestic, laboratory and wild animals. Comparative Biochemistry and Physiology Part B: Comparative Biochemistry 106, 223–229. doi:10.1016/0305-0491(93)90030-9

[13] Voornaamste aandachtspunt bij de PCSK9-remmers is effecten op de hersenen, bijv. op het geheugen. Mensen die statines slikken hebben nogal eens last van spierpijn maar het is niet duidelijk hoeveel daarvan echt door de statines wordt veroorzaakt. (Newman CB, Tobert JA, 2015. Statin intolerance: Reconciling clinical trials and clinical experience. JAMA 313, 1011–1012. doi:10.1001/jama.2015.1335).

Verder lijken statines het risico op diabetes type 2 iets te verhogen.